O
De grondmotorische eigenschappen

Aan de basis van het fysieke prestatievermogen van elke sporter staat een aantal grondmotorische eigenschappen: kracht, snelheid en uithoudingsvermogen. De drie factoren zijn onderling met elkaar verbonden. Voor een marathonloper is vooral het uithoudingsvermogen van belang, voor de sprinter snelheid en voor de gewichtheffer kracht. De grondmotorische eigenschappen zijn dus altijd sportgebonden.

Voorbeeld belang van grondmotorische eigenschappen sportspecifiek
Sporttak: Kracht: Snelheid: UHV: FLEX: Coördinatie:
Duursporter x x xxx x x
spelsporter xx xx xx x xx
Sprinter xx xxx x xx xxx
x = minder belangrijk - xx = belangrijk - xxx = zeer belangrijk



Grondmotorische eigenschappen voetbal

Voetballers maken gebruik van een combinatie van deze drie factoren.
Hiermee wordt al direct de complexiteit van de voetbalconditie aangegeven.
Voetballers maken niet alleen gebruik van kracht, snelheid en uithoudingsvermogen maar ook van snelheidsuithoudingsvermogen, krachtuithoudingsvermogen en snelkracht.





Definities van de grondmotorische eigenschappen

Uithoudingsvermogen:

Het uithoudingsvermogen geeft simpel gezegd aan hoe lang een bepaalde inspanning kan worden volgehouden.
Het vermogen om gedurende langere tijd sport te bedrijven en om weerstand te bieden tegen optredende vermoeidheid
We onderscheiden:
- Het algemeen uithoudingsvermogen: dit is altijd aëroob van aard
- Het specifieke uithoudingsvermogen: hier is sprake van zowel 
aëroob als anaëroob 


Snelheid:

Het begrip 'snelheid' is zeer algemeen
Diverse verschijningsvormen: startsnelheid - anticipatiesnelheid - reactiesnelheid - versnellingsvermogen - snelheidsuithoudingsvermogen - herhaald kort sprintvermogen en maximale snelheid

Kracht:

Net als snelheid is 'kracht' een veelzijdig begrip. Definitie zou kunnen zijn: Het vermogen van de spieren om kracht te leveren voor al het bewegen. Bij voetbal denk je dan aan: sprongkracht, duelkracht etc.
Diverse verschijningsvormen: krachtuithoudingsvermogen - explosieve kracht - snelkracht - maximale kracht - statische kracht etc. Bij voetbal praten we natuurlijk over voetbalkracht.

Bij uithoudingsvermogen, snelheid en kracht hebben we enerzijds te maken mat capaciteit en anderzijds met vermogen:

Capaciteit = de aanwezige hoeveelheid energie, de beschikbare brandstofpool

Vermogen = de hoeveelheid energie die per tijdseenheid kan worden vrijgemaakt

Capaciteit dient als basis voor vermogen

Beiden zijn door voeding en training te beïnvloeden




Flexibiliteit/Lenigheid:

Lenig zijn betekent een grote bewegingsuitslag kunnen maken in een gewricht waarover een spier of spiergroep loopt.
Onder flexibiliteit en lenigheid verstaan we; de aanwezige functionele bewegingsmogelijkheid, deze is sportspecifiek.

Coördinatie:

De samenwerking tussen het centraal zenuwstelsel en de spieren noemt men coördinatie.
Voor elke uitgevoerde beweging zijn er spieren nodig die zich samentrekken en spieren die zich ontspannen. Andere blijven samengetrokken om het lichaam te stabiliseren. Het proces waarmee alle spieren gelijktijdig worden gestuurd, heet coördinatie.

Alle vier voorafgaande grondmotorische eigenschappen (uithouding-kracht-snelheid-flexibiliteit) zijn verweven met coördinatie

De relatie van de grondmotorische eigenschappen

Kracht en snelheid beïnvloeden elkaar wederzijds positief  en zijn in feite onlosmakelijk met elkaar verbonden. Zo zal snel stabiliseren altijd samengaan met excentrisch contraheren (het afremmen van een snelle beweging). De overige grondmotorische eigenschappen hebben deze positieve relatie niet of nauwelijks.
- Door het trainen van je uithoudingsvermogen verlies je pure snelheid
- Explosieve krachttraining vermindert de flexibiliteit